Paola van Kessel

Robér van Leeuwen      

Relus Breeuwsma

Blikopener

‘Snel schakelen bij funderingsschade’

Als woningen plots onbewoonbaar worden

  4 minuten leestijd

46 huurwoningen in het Zuid-Hollandse Boskoop werden in 2024 onbewoonbaar verklaard. Ze verzakten veel sneller dan verwacht en moesten snel gesloopt worden. Een ingrijpend besluit voor woningcorporatie Woonforte, haar bewoners en ook voor de gemeente Alphen aan den Rijn. Hoe zorg je snel voor een passende oplossing in zo’n situatie? En hoe neem je huurders daarin mee?

Paola van Kesse, Projectleider ontwikkeling woningcorporatie

Paola van Kessel

Projectleider ontwikkeling woningcorporatie Woonforte

‘We hebben direct een crisisteam opgezet’


‘De woningen in Boskoop stonden op onze planning voor grondige renovatie of sloop/nieuwbouw, maar wel pas over 5 tot 10 jaar. Toen bleek dat er veel meer aan de hand was dan regulier onderhoud, hebben we aanvullend onderzoek laten doen.’

‘Daaruit kwam naar voren dat de woningen bouwkundig en constructief niet meer voldeden aan de veiligheidseisen. Dan moet je als corporatie je verantwoordelijkheid nemen en snel schakelen. Stenen zijn belangrijk, maar de bewoners zijn natuurlijk veel belangrijker.’

‘We hebben daarom direct een crisisteam opgezet met collega’s van verschillende afdelingen. Dit team is overigens later overgegaan in een regulier projectteam. De afdeling Wonen richtte zich volledig op de huurders en hun herhuisvesting, terwijl Vastgoed de sloop en nieuwbouw organiseerde. Die keuze was essentieel, omdat beide trajecten tegelijk en onder hoge druk liepen. Gelukkig dacht de gemeente hierin mee. We mochten bijvoorbeeld slopen in plaats van renoveren, ondanks het bestemmingsplan waarbij cultuurhistorische waarde gewaarborgd moest blijven.’

Ruimte voor emoties

Voor de communicatie met bewoners organiseerden we bewust bijeenkomsten in kleine groepen, zodat er genoeg ruimte was voor ieders persoonlijke vragen en emoties. We bereidden de gesprekken zorgvuldig voor, onder meer met rollenspellen, zodat we zeker wisten dat alle bewoners dezelfde informatie kregen. De boodschap was natuurlijk niet leuk, maar de eerlijkheid werd gewaardeerd. We betrokken en informeerden ook steeds de omwonenden. Dat zij in een soortgelijk huis woonden als de huizen die gesloopt moesten worden, zorgde bij hen logischerwijs ook voor onzekerheid.’

‘Huurders kregen een vast contactpersoon, hulp bij huisbezoeken en begeleiding naar tijdelijke woonruimte. Overigens merkten we dat de situatie voor sommigen gunstig uitpakte. Oudere bewoners kwamen dankzij de urgentie bijvoorbeeld sneller in aanmerking voor een beter passende woning. Dat verzacht zo’n traject niet, maar het onderstreept wel het belang van maatwerk in deze situaties.’

Robér van Leeuwen, Voorzitter huurdersorganisatie Groene Hart/Woonforte

Robér van Leeuwen 

Voorzitter huurdersorganisatie Groene Hart/Woonforte

‘Betrek bewoners en geef goede begeleiding’


‘Voor huurders is het enorm ingrijpend om te horen dat ze zo snel hun huis uit moeten. Het gaat niet alleen over hun woning, maar over hun hele leven.’

‘Mensen wonen vaak al jaren in hun straat en hebben alles op hun eigen manier ingericht. Dan moeten ze opeens op zoek naar nieuwe woonruimte. De een redt zich prima, de ander heeft meer hulp nodig, zoals oudere bewoners. Als voorzitter van de huurdersorganisatie probeer je dan vooral een luisterend oor te bieden en mensen zo goed mogelijk te helpen. Woonforte heeft daarin veel gedaan: bewonersbijeenkomsten, persoonlijke gesprekken en begeleiding per situatie. Dat maakte echt verschil.’

Alternatieve woning

Tegelijk heb je in zo’n traject te maken met heel verschillende wensen en meningen. De een wil koste wat kost in het eigen dorp blijven, de ander ziet een verhuizing juist als kans. Woonforte heeft dat traject serieus aangepakt. Ze zijn direct met bewoners in gesprek gegaan en hebben iedereen zo goed mogelijk bij de hand genomen. Uiteindelijk hebben ze voor alle bewoners binnen 5 maanden een alternatieve woning gevonden. Daarvoor verdienen ze complimenten.’

‘Andere corporaties kunnen hiervan leren: betrek je huurders in een vroeg stadium en geef persoonlijke begeleiding. Goede communicatie is het belangrijkste. In andere wijken merken we niet dat huurders veel bezig zijn met funderingsproblematiek. Blijkbaar speelt het pas een rol als het dichtbij komt.’

Relus Breeuwsma, Wethouder landelijk gebied gemeente Alphen aan den Rijn

Relus Breeuwsma

Wethouder landelijk gebied gemeente Alphen aan den Rijn

‘We worden met de neus op de feiten gedrukt’


‘In onze gemeente is funderingsproblematiek in een paar jaar tijd heel urgent geworden. Met de afgekeurde woningen in de Julianastraat en Oranjestraat in Boskoop als meest recente voorbeelden.’

‘Daardoor is een intensieve samenwerking tussen de gemeente en woningcorporatie Woonforte ontstaan. Zij zijn in principe verantwoordelijk voor de woningbouw, maar wanneer mensen hun huis uit moeten, voelt de gemeente zich medeverantwoordelijk. Tegelijk kunnen wij het eigenaarschap niet overnemen. Daarom kijken we met elkaar hoe geplande reconstructies samengaan met het veilig en toekomstbestendig inrichten van de openbare ruimte.’

‘Voor de gemeenten in het Groene Hart, waaronder Alphen aan den Rijn, is er het Funderingsloket. Daar kunnen bewoners met funderingsschade terecht voor informatie en deskundige begeleiding. Daarnaast hebben we vorig jaar een speciaal team opgezet: Bodem en Water. Dat benadrukt hoe sterk het bewustzijn rond deze problematiek groeit. Steeds vaker zien we dat funderingen zijn aangetast, ook bij huizen waar bovengronds nog niets zichtbaar is. We worden steeds meer met de neus op de feiten gedrukt.’

Bodemdaling nauwelijks bij te benen

‘Op gemeentelijk niveau is de bodemdaling in veengebieden zoals Alphen aan den Rijn nauwelijks bij te benen. Daarom zijn we actief in het landelijk platform Slappe Bodem. Daarin trekken gemeenten, provincies en waterschappen samen op om funderingsproblematiek hoger op de politieke agenda te krijgen.’

‘Kennisdeling is daarbij essentieel: waar liggen de risicogebieden en hoe kunnen we daarop anticiperen? Daar horen ook proactieve gesprekken met woningcorporaties bij. Hoe kunnen we hen helpen zich voor te bereiden op de opgaven en enorme kosten die ons de komende 20 jaar te wachten staan?’

Aanpak funderingsschade
Nederland staat voor een grote funderingsopgave. Mogelijk kampen ruim 425.000 panden met funderingsproblemen, een flink deel daarvan is in beheer bij woningcorporaties. Funderingsschade heeft impact op de constructieve veiligheid van woningen: de herstelkosten bedragen doorgaans € 60.000 tot € 120.000 per woning.
Ook voor huurders is funderingsschade ingrijpend. Funderingsschade kan op den duur leiden tot gevaarlijke situaties. En bij herstel moeten bewoners vaak (tijdelijk) hun thuis verlaten.
De Wegwijzer funderingsschade van Aedes helpt je op weg bij de aanpak van funderingsschade.

Tekst: Chris Verhoef, foto’s: Chantal Spieard

Wil je elk kwartaal Aedes-Magazine in jouw inbox?

Gerelateerde artikelen