Raymond Kramer, commissaris bij Woningstichting Putten en HW Wonen
4 minuten leestijd
Goed toezicht is meer dan scherp zijn op cijfers en regels. Als jonge commissaris kijkt Raymond Kramer vooral naar de mensen achter de besluiten, vertelt hij bij hem thuis in Baarn.
Besturen en toezicht houden gaan volgens Raymond Kramer over mensen: over bestuurders die lastige keuzes moeten maken en commissarissen die kritisch zijn maar ook steun bieden wanneer dat nodig is. Met die overtuiging is Raymond commissaris bij Woningstichting Putten en HW Wonen in de Hoeksche Waard. Na zijn studie rechten werkte hij onder meer aan het juridisch splitsen van appartementencomplexen. Zo kwam hij voor het eerst in aanraking met woningcorporaties.
Niet veel later ging hij aan de slag als interim-bestuurssecretaris bij een corporatie. In die rol heeft hij bij veel verschillende corporaties in de bestuurskamer gezeten en kent hij de dynamiek tussen bestuurder en raad van commissarissen (RvC) van dichtbij. Ook zat hij 8 jaar in de gemeenteraad van Soest. Daarna wilde hij zijn ervaring op een andere manier maatschappelijk inzetten. ‘Ik wilde met mijn kennis iets doen wat relevant is voor de samenleving. Een commissariaat bij een woningcorporatie leek me daarom heel interessant.’
Raymond Kramer
Commissaris bij: Woningstichting Putten en HW Wonen in Oud-Beijerland
Opleiding: Master of Laws Universiteit Maastricht
Werk: directeur RKIA Governance en interim bestuurssecretaris
Woont in: Baarn
Nevenfuncties: voorzitter raad van toezicht Monumentenwacht Utrecht, VTW-werkgroep werkgeversrol
Vrije tijd: padel, wandelen en Telstar
Verjonging nodig
Raymond vindt dat RvC’s meer jonge mensen een kans mogen geven. ‘En andersom moeten jonge mensen het ook gewoon durven.’ Volgens hem kunnen RvC’s bij woningcorporaties nog veel winnen aan diversiteit. Niet alleen qua leeftijd, maar ook qua achtergrond en perspectief. ‘Mensen van kleur, uit andere sectoren, of die zelf in een sociale huurwoning wonen: de mensen voor wie we dit werk uiteindelijk doen.’ Die verschillende perspectieven zijn volgens hem hard nodig in een sector met grote uitdagingen. Juist nu kan een frisse blik helpen om vaste patronen te doorbreken.
Luisteren naar wat er écht gezegd wordt
Zijn ervaring als bestuurssecretaris neemt hij mee in zijn rol als commissaris. Vooral één vaardigheid heeft hem veel gebracht: luisteren. ‘Ik heb weleens meegemaakt dat een bestuurder na een vergadering dacht dat de raad zich vooral zorgen maakte over een bepaald onderwerp. Terwijl ik had gehoord dat de raad eigenlijk iets heel anders bedoelde.’
Dat bewustzijn helpt hem nu als toezichthouder. Hij weet hoeveel werk en afwegingen schuilgaan achter de stukken die een RvC krijgt voorgelegd. En hoe belangrijk het is dat de mening van de raad goed overkomt. ‘Als ik daarover twijfel, dan bel ik na afloop van de vergadering nog wel eens met de bestuurder.’
‘Fouten moeten bespreekbaar zijn. Niet omdat het moet, maar omdat je ervan wilt leren’
Toezicht én rugdekking
Voor Raymond draait goed toezicht niet alleen om controleren en besluiten goedkeuren. Een RvC moet een bestuurder ook comfort en veiligheid bieden. ‘Een bestuurder moet dilemma’s kunnen delen. Fouten moeten bespreekbaar zijn. Niet omdat het moet, maar omdat je ervan wilt leren.’ Dat ziet hij bijvoorbeeld bij Woningstichting Putten, waar een fusie met Omnia Wonen wordt verkend. Zo’n proces vraagt veel van een bestuurder. ‘Je hebt te maken met de gemeente, de huurdersorganisatie, de ondernemingsraad en adviseurs. Dan is het belangrijk dat een bestuurder voelt dat de raad achter je staat. Dat je twijfels en afwegingen kunt bespreken en dat er ruimte is voor emotie.’
De mogelijke fusie laat volgens Kramer goed zien waar goed bestuur over gaat. Woningstichting Putten heeft voldoende financiële slagkracht om veel woningen te bouwen, maar mist de schaal en expertise voor grote projecten. ‘We hebben de maatschappelijke plicht om te kijken hoe we die financiële ruimte zo goed mogelijk kunnen inzetten voor de woningbouwopgave in de regio.’ Tegelijkertijd mag dat wat Woningstichting Putten juist sterk maakt, niet verloren gaan: ‘De lokale verankering, de zichtbaarheid in de wijk en de klantgerichtheid. Daar mag je trots op zijn. Dat wil je niet kwijtraken in een fusie. Dus daarover bevragen we als commissarissen de bestuurder.’
Bij HW Wonen ligt de uitdaging anders. Zij hebben de ambitie om de meest klantgedreven corporatie van Nederland te worden. ‘Ik vind het heel stoer dat bestuurders dat zo expliciet opschrijven. Dat vraagt durf.’
‘We moeten er als corporaties alles aan doen om een faillissement te voorkomen, desnoods door hoge ambities bij te stellen’
Financiële tekorten
Dat woningcorporaties al op korte termijn afkoersen op financiële tekorten baart Raymond zorgen. ‘Bij een beursgenoteerd bedrijf zou dat onacceptabel zijn. Waarom accepteren we dat dan wel bij woningcorporaties?’ De gesprekken over onderlinge financiële solidariteit in de regio vindt hij afleiden van dit probleem.
‘Het is noodzakelijk om regionaal samen de schouders onder de bouwopgave te zetten. Wat ik ingewikkeld vind, is dat we lijken te verwachten dat het financieel op termijn wel goed komt. We moeten er alles aan doen om een faillissement te voorkomen. Desnoods door de hoge ambities bij te stellen. In mijn rol als commissaris ga ik niet over zo’n beslissing. Maar ik kan bestuurders wel vragen er goed over na te denken en om als corporaties samen een duidelijk signaal af te geven aan samenleving en politiek.’
Lokaal en regionaal het verschil maken
Toch overheerst bij hem geen somberheid. Eerder een gevoel van verantwoordelijkheid. ‘Als RvC’s stellen wij bestuurders aan. Ik geloof er echt in dat die bestuurders lokaal en regionaal het verschil kunnen maken in de grote nieuwbouwopgave. Er zullen altijd situaties zijn waardoor het niet lukt, maar laten we vooral kijken hoe het wel kan. In samenwerking met gemeenten en marktpartijen. We hebben elkaar daarin keihard nodig.’ En als er dan gebouwd wordt, heeft hij nog één wens. ‘Laten we alsjeblieft mooie, karaktervolle huizen bouwen. Plekken die tot de verbeelding spreken. Nu en over 100 jaar.’
De Nederlandse woningcorporaties verhuren samen 2,4 miljoen woningen aan huishoudens met lagere inkomens, tegen een betaalbare prijs. De financiële positie van corporaties wordt nijpender, onder meer door vennootschapsbelasting en stijgende bouwkosten.
Je kunt er meer over lezen op Aedes.nl bij het onderwerp Financieel stelsel.