Het Franse Gat is een verouderde wijk in Veenendaal. De 1.100 huurwoningen zijn grotendeels uit de jaren 50. Bovendien spelen er bij de mensen die er wonen nogal wat problemen. Een grootscheepse wijkvernieuwing moet uitkomst bieden. Hoe zorg je dat de fysieke en de sociale aanpak elkaar versterken? En hoe houd je bewoners aangehaakt?
Het Franse Gat is een typische naoorlogse arbeiderswijk, met veel dezelfde soort woningen en een diverse bevolkingssamenstelling. Volgens wijkmanager bij de gemeente Veenendaal Bart van Steeg is er veel armoede en heeft de wijk te maken met overlast, criminaliteit en onveiligheid. ‘Tegelijkertijd is de onderlinge band sterk: bewoners kennen elkaar en zijn trots op hun buurt.’
Woningcorporatie Veenvesters verhuurt 1.100 huurwoningen in het Franse Gat. ‘Huurders klagen over tocht, vocht en schimmel en de woningplattegronden sluiten niet meer aan bij de huidige wensen. Daarom vernieuwen we de wijk helemaal’, zegt Marion van de Mortel, ontwikkelmanager bij Veenvesters. De aanpak gebeurt in 3 delen, over een periode van 20 jaar. Kern van de aanpak: fysieke renovatie en sociale ondersteuning lopen niet na elkaar, maar naast elkaar.
Op een aantal sloopwoningen in Franse Gat zijn raamstickers geplaatst met interieurs uit de jaren 50. Het ziet er vriendelijker uit dan dichtgetimmerde ramen. De bewoners zijn er enthousiast over: ‘Machtig mooi! Ik kreeg echt even kippenvel toen ik de raamstickers voor het eerst zag.’ Kijk ook eens op de website Franse Gat vernieuwt.
Weerstand
Zodra in 2020 de eerste ideeën voor vernieuwing bekend werden, sloeg de onrust toe. ‘Er kwam echt heel veel weerstand’, herinnert Van Steeg zich. ‘Vanuit de bewoners zelf en vanuit politieke partijen die zich ermee gingen bemoeien.’ De oorzaak van die weerstand lag niet zozeer bij het idee van vernieuwen zelf, maar bij de onduidelijkheid erover. Mensen wisten niet waar ze aan toe waren. De oplossing was simpel: de wijk in.
Van Steeg: ‘Met een statafel, een vlag en koffie trokken medewerkers van Veenvesters en de gemeente van straat naar straat. We legden uit wat de ideeën en bijbehorende randvoorwaarden concreet betekenen. Dat bijvoorbeeld een toegestane bouwhoogte van 27 meter niet automatisch wil zeggen dat er daadwerkelijk een flat van 27 meter komt. We maakten ook duidelijk waar we stonden, wat we al wisten en wat nog niet. Het waren soms moeilijke gesprekken. Maar wel goeie.’
Bart van Steeg, wijkmanager bij de gemeente Veenendaal
‘We maakten ook duidelijk waar we stonden, wat we al wisten en wat nog niet’
Snel iets laten zien
Wat volgens Van de Mortel ook positief heeft uitgepakt, is de beslissing om snel iets van de vernieuwing te laten zien. ‘Veenvesters heeft ervoor gekozen om 2 portieketageflats te renoveren, die zijn in april 2021 opgeleverd. En om 20 eengezinswoningen te slopen en te vervangen door evenzoveel nieuwe eengezinswoningen. Die waren in november 2023 klaar.’
‘De reacties van wijkbewoners waren overwegend positief. Ze vinden de nieuwbouw er goed uitzien. En helemaal niet zo klein, als ze dachten dat het zou worden.’ Wat natuurlijk ook helpt om het draagvlak voor de vernieuwing onder de bewoners te vergroten, is het recht op terugkeer naar de wijk.
Het wijkhuis als anker
Van Steeg komt nog even terug op het goed informeren van bewoners: ‘Met een wijkhuis midden in het te vernieuwen gebied heeft die aanpak een vaste plek gekregen. Hier houdt Veenvesters 3 keer per week spreekuur, de gemeente sluit 1 keer per week aan.’
‘Het duurde een aantal maanden voor mensen het wijkhuis wisten te vinden. Maar doet er nu een broodjeaapverhaal de ronde, dan geven mensen elkaar het advies: “Ga naar het wijkhuis, daar weten ze precies hoe het zit”.’
Foto's: Paul Tolenaar
Sociaal programma
De wijkvernieuwing is niet alleen fysiek, maar omvat ook een sociaal programma. De 3 pijlers daarvan zijn gezondheid, leefbaarheid en meedoen. Van de Mortel: ‘Om de vernieuwing toe te lichten en draagvlak te creëren, voeren we huis-aan-huis gesprekken met onze huurders. Tijdens die gesprekken horen we ook wat er leeft en speelt. Daar nemen we, waar nodig, actie op. Door mensen in contact te brengen met de juiste hulpverleners bijvoorbeeld.’
Marion van de Mortel, ontwikkelmanager bij Veenvesters
‘Om draagvlak te creëren, voeren we huis-aan-huis gesprekken met onze huurders’
Het brede wijkteam speelt een belangrijke rol bij het sociaal programma. Het team bestaat uit mensen van Veenvensters, de gemeente, Veens Welzijn en de politie. ‘Zo’n 25 jongeren doen mee aan maatschappelijk kickboksen’, geeft Van Steeg als voorbeeld van een concreet project. ‘Daar leren ze niet alleen te vechten, maar ook hoe ze zich moeten verhouden tot de samenleving. En worden ze ondersteund bij bijvoorbeeld solliciteren of het vinden van een stageplek.’
Keuzevrijheid en de grenzen daarvan
En de huurders zelf, voor wie dit allemaal bedoeld is, wat vinden die van de vernieuwing? Mevrouw Van Oostveen woont in 1 van de flats die als eerste werden gerenoveerd. ‘We moesten lang wachten op duidelijkheid’, herinnert zij zich. ‘Het zorgt voor onrust als je niet weet waar je aan toe bent. Gaan ze slopen en moet ik mijn huis uit? Of gaan ze toch renoveren, waar mijn voorkeur naar uitging. Op een gegeven moment dacht ik: ik zie wel wat het wordt, ik wacht het gewoon af.’
Het werd dus een renovatie. In bewoonde staat. ‘Je kon wel voor een wisselwoning kiezen, maar dat hoefde voor mij niet. Ook al was het heel zwaar. Ik was elke dag weer blij dat het 4 uur was en de bouwvakkers naar huis gingen. Uiteindelijk zijn al die onzekerheid en overlast het voor mij wel waard geweest. De hele buurt is ervan opgeknapt.’
Mevrouw Van Oostveen, bewoner
‘Die onzekerheid en overlast zijn het voor mij wel waard geweest’
Of mevrouw Van Oostveen nog tips heeft voor Veenvesters of de gemeente? ‘Ik zou het eigenlijk niet weten. De communicatie vanuit Veenvesters ging goed. En tijdens de werkzaamheden kon ik de opzichter aanspreken als er iets was. Hij kwam er echt altijd op terug. Weet je, je kunt wel tegen dit soort plannen zijn, maar volgens mij kun je beter meewerken. Dan word je door iedereen vriendelijk behandeld.’
Wat anderen kunnen leren
Tot slot aan Van de Mortel en Van Steeg de vraag wat zij tot nu toe van de vernieuwing hebben geleerd. Beiden noemen dezelfde les: leg vanaf dag 1 het proces uit aan de bewoners. ‘Blijf dat herhalen’, zegt Van Steeg, ‘zodat mensen steeds weten wat er speelt.’
Van de Mortel benadrukt ook nog de waarde van aanwezigheid in de wijk. ‘Als we straks klaar zijn in deelgebied Zuid, verhuist het wijkhuis naar deelgebied Noord. Ik hoop dat dezelfde aanpak van straatgesprekken, laagdrempelig contact en een lange adem opnieuw zijn waarde bewijst.’
Bewoners betrekken
Woningcorporaties vinden participatie belangrijk. Het gaat daarbij niet alleen om huurders, maar ook om woningzoekenden, omwonenden en andere belanghebbenden. Samen met corporaties en hun partners werkt Aedes aan manieren om hen beter en gerichter te betrekken.
Op Aedes.nl vind je praktijkvoorbeelden en meer informatie over bewonersparticipatie.
Planningsgenerator 2026
Er spelen in een nieuwbouw- of renovatieproject veel onzekerheden mee, zowel intern als extern, die van invloed zijn op de realisatie. Aedes ontwikkelde, samen met een aantal corporaties, de Planningsgenerator. Een eenvoudige tool waarmee je je ambitieplanning ombouwt naar een realistische, haalbare planning.
Op Aedes.nl kun je de Planningsgenerator 2026 downloaden.