Trends

‘Samenwerken aan de mooist mogelijke toekomst’

Ombudspersoon toekomstige generaties Jan van de Venis

  4 minuten leestijd

Bouwen voor mensen die nog niet geboren zijn. Waarom zou je dat doen? Om volgende generaties de best mogelijke toekomst te bieden, betoogt jurist en ombudspersoon Jan van de Venis. En daarnaast omdat het nú al veel oplevert. Ook voor, bijvoorbeeld, woningcorporaties. ‘Door langetermijnbelangen nu al mee te nemen, creëren we ook op korte termijn minder problemen.’

Natuurlijk: het blijft een beetje gissen. Niemand weet immers precies hoe we er over pakweg 200 jaar voor staan. ‘Wat wél duidelijk is,’ zegt jurist Jan van de Venis, ‘is dat mensen ook dan mensenrechten hebben. En we toekomstige generaties niet mogen belemmeren in de vrijheid om hun eigen toekomst te kiezen.’ Maar hoe dan? Toen Van de Venis ruim 10 jaar geleden als ombudspersoon voor toekomstige generaties begon, zocht hij naar een nieuwe manier van denken.

‘We zijn in Nederland niet gewend om zo ver vooruit te kijken. Inheemse gemeenschappen wereldwijd echter wél. In het grensgebied van India en Bangladesh leeft bijvoorbeeld een groep mensen die bruggen bouwt over wilde rivieren, door er 30 jaar van tevoren al bomen naast te planten, zodat ze die eroverheen kunnen leiden. Ze zijn zich nu al bewust van hun rol als voorouder.’

‘Ik wil zelf een goede voorouder zijn op wie mijn achterkleinkinderen trots zullen zijn’


Inleefoefening

Moeten woningcorporaties ook rekening houden met toekomstige generaties? Zeker, zegt Van de Venis. Daar wint namelijk iedereen bij. En het is simpeler dan je denkt. ‘Natuurlijk kun je dat doen door te kijken naar de impact van ons werk. Bouwen we met vervuilende materialen, of biobased? Beschadigen we een stuk natuurgebied of kunnen we dat voorkomen of compenseren?’ Maar er is ook een totaal andere aanpak: op reis gaan in de tijd, met een inleefoefening.

‘Eerst gaan we 3 generaties terug naar onze voorouders. Waar komen we vandaan? Onze prachtige oude steden, ons polderlandschap, de dijken; veel van waar we nu zo trots op zijn, hebben we aan hen te danken. Vervolgens gaan we de toekomst in, tot 3 generaties vooruit. Hoe willen we dat Nederland er dan uitziet? En dan niet zomaar een visie, nee: gedacht vanuit de mooist mogelijke toekomst. Wie dat doet, voelt ineens: mijn acties werken dóór, ik wil zelf ook een goede voorouder worden op wie mijn achterkleinkinderen trots zullen zijn.’

Jan de Venis

Jan van de Venis is waarnemend ombudspersoon bij het Lab Toekomstige Generaties. Daar adviseert hij overheid en bedrijfsleven hoe ze het welzijn van toekomstige generaties kunnen laten meewegen bij belangrijke beslissingen, in Nederland en in de rest van de wereld. Daarnaast is hij 1 van de auteurs van het boek Veranderen voor de toekomst.

Inleefoefening

Het klinkt als een vriendelijke, empathische methode. Toch werkt zo’n inleefoefening ook bij partijen die helemaal vastzitten, vertelt Van de Venis. ‘Bij een groot, provinciaal energietransitieproject liepen de belangen totaal uiteen. Sommige partijen wilden zonnepanelen en windmolens op hun grond, anderen waren daar faliekant tegen. Toen keken we samen door de ogen van onze achterkleinkinderen. ‘Jeetje, ik zie dat ik als boer toch ook iets moet met de energietransitie’, zei de een na afloop. En de ander concludeerde: ik realiseer me nu wel dat, als ik alleen zonnepanelen neerleg, de biodiversiteit in dit gebied verdwijnt.

En zo eindigde een proces, dat eerst totaal vast zat, in 1 dag met mensen die visitekaartjes uitwisselden en energie voelden om dingen anders aan te pakken.’ Dat is het goede aan samenwerken aan de mooist mogelijke toekomst, zegt Van de Venis. ‘Iederéén krijgt er een prettig gevoel bij. En als je die toekomst vervolgens terugbrengt naar het nu, zijn mensen vaak eerder bereid om concessies te doen.’

Toekomststoel

Heeft de ombudspersoon ook een concreet voorbeeld van bouwen voor toekomstige generaties? ‘Ik ben zelf natuurlijk geen bouwer. Dus misschien zeggen woningbouwmensen wel: lekker naïef Jan, dit doen we allang. Maar adaptief en meer circulair bouwen lijkt me een goed voorbeeld, zodat panden in de toekomst makkelijker voor verschillende functies en vormen van bewoning geschikt zijn.’

‘Je kunt je ook afvragen of het nog slim is om meters onder zeeniveau een nieuwe woonwijk te bouwen. Kunnen we inmiddels beter kijken naar waterwoningen? En we bouwen nog steeds veel rijtjeshuizen met tuinen, maar zouden we in dit dichtbevolkte land niet veel meer de lucht in moeten? Ja, dan hebben we minder vierkante meters tuin per persoon, maar veel méér groen en ruimte in de omgeving, zodat we ook belangrijke natuurgebieden als het Groene Hart voor onze achterkleinkinderen veiligstellen.’

‘Wees je bewust van je plek in de tijd’


Eén probleempje: die achterkleinkinderen, die zijn er nog niet. Hoe borg je dan toch hun belangen? Door ze alvast aan tafel te zetten, zegt Van de Venis. ‘Een kleinere corporatie kan bijvoorbeeld een toekomststoel in vergaderingen introduceren. Waarbij iedereen op die stoel kan gaan zitten om vanuit toekomstige generaties te reflecteren. Grotere woningcorporaties kunnen daarnaast een toekomsteffectrapportage maken.’ Hoe je het ook doet: maak een collega concreet verantwoordelijk, adviseert Van de Venis. ‘Zorg dat iemand in de directie of in de raad van commissarissen verantwoordelijk is voor toekomstige generaties. Anders gebeurt het niet.’

Stikstofcrisis

Nóg een taak erbij dus, op de toch al niet geringe to-do-lijst van corporaties? ‘Het betaalt zich echt terug. Als we de langetermijnbelangen meenemen, dan creëren we ook op korte termijn minder problemen. Kijk naar het woningtekort, de stikstofcrisis en de waterkwaliteitscrisis. Hadden we eerder met alle partijen samen gekeken naar andere vormen van landgebruik, ook in de agrarische sector, dan hadden we nu meer kunnen bouwen. Én kregen boeren een duidelijkere en hoopvolle toekomst.’

Van de Venis vermoedt bovendien dat best veel woningcorporatiedirecteuren bezig zijn met hun legacy. ‘Als twintiger denk je nog niet zo na over wat je doorgeeft, maar als vijftiger of zestiger rijst de vraag: heb ik alleen maar huizen gebouwd? Of heb ik echt iets fundamenteels veranderd. Profiteren ook de kinderen van mijn kinderen van wat ik heb gedaan in mijn werk?’ Kortom: wees je bewust van je plek in de tijd. ‘Haal jezelf af en toe uit de waan van de dag, ga de toekomst in. En kijk vanaf daar naar vandaag: waar ben ik eigenlijk mee bezig?’

Tekst: Margot Pol

Wil je elk kwartaal Aedes-Magazine in jouw inbox?

Gerelateerde artikelen