Systeemplafond
Het onderzoek Stadsveteranen en gesprekken met toekomstige bewoners van het complex gaven Cluitmans een belangrijk inzicht. ‘Een grote huiskamer op de begane grond werkt niet om bewoners met elkaar te verbinden. Het is een misvatting dat zo’n grote ruimte, met in het ergste geval een systeemplafond, de saamhorigheid vergroot. Wat echt telt, is de schaal, de verdeling over het gebouw en de functionaliteit van de gemeenschappelijke ruimtes.’
SOME bracht onlangs een glossy uit waarin bewoners vertellen over hun ervaringen met het collectieve wonen in Stadsveteraan 020. ‘Dit concept mag nooit verdwijnen’, zegt een van hen. ‘Daar is het te mooi voor.’ De andere bewoners zijn ook alleen maar positief.
Eigen deurbel
Cluitmans krijgt soms sceptische reacties op Stadsveteraan 020. Mensen vragen hem hoe zo’n project sociale huur kan zijn. ‘Ze denken dat de servicekosten dan wel heel hoog moeten zijn. Maar dat is niet zo. Ook voor Woonzorg Nederland was dit nieuw terrein. Toch kom je met creativiteit en lef ver.’
Volgens Cluitmans zijn 2 dingen cruciaal voor het succes van een project als Stadsveteraan 020: een opdrachtgever die erin gelooft, en een uitvragende partij die openstaat voor oplossingen. Zo leek het bij de werving van bewoners voor de friends-woningen alsof mensen hun AOW konden mislopen. De corporatie, de ontwikkelaar en de gemeente hebben daar samen een oplossing voor gevonden. Nu heeft elke bewoner een eigen deurbel, postbus en huisnummer.
Hij vindt het ook belangrijk om bij aanbestedingen voorrang te geven aan collectieve projecten. Op de woningmarkt worden keuzes vaak gemaakt op basis van geld. ‘Maar als we willen dat mensen doorstromen, moeten bijzondere woonvormen vaker voorrang krijgen boven hoge grondprijzen. Stadsveteraan 020 laat zien dat je dan mooie resultaten kunt bereiken.’